Oude bron, frisse blik

De knecht van Sinterklaas

5 minTekst Hilde SmeestersBeeld Sebastian Steveniers

In het kort

  • Sinterklaas had niet altijd een knecht. Zwarte Piet duikt voor het eerst op in 1850.
  • Het is niet omdat we het ‘goed bedoelen’ dat Zwarte Piet geen racisme is.
  • Levende tradities zullen altijd blijven evolueren.

Het is intussen vaste prik: samen met Sinterklaas doet ook de Zwarte Pietendiscussie zijn intrede. Maar waar komt die bijzondere figuur vandaan? Hoe werd hij in de loop van de geschiedenis afgebeeld? En waren de mensen die over hem schreven racistisch? We leggen de vragen voor aan Paavo Van der Eecken, doctoraatsonderzoeker in Letteren en Wijsbegeerte aan de UAntwerpen en de UGent.

 

Zwarte Piet als statussymbool

 

Het onderzoeksproject van Paavo Van der Eecken draait rond de representatie van bepaalde groepen in historische jeugdliteratuur tussen 1800 en 1940. Op basis van vier parameters – leeftijd, ras, gender en sociale klasse – worden patronen in kaart gebracht om zo de weg te effenen voor verder onderzoek. De figuren van Sinterklaas en Zwarte Piet horen daar natuurlijk ook bij. We vragen de onderzoeker vanaf wanneer zij opduiken in kinderboeken.

 

‘Lange tijd werd er geen echt onderscheid gemaakt tussen kinderboeken en boeken voor volwassenen, maar verhalen uit de Sint-Nicolaas cultus bestaan al zeker sinds de zesde eeuw van onze tijdrekening. Zwarte Piet duikt pas later op. Het eerste kinderboek waarin deze helper van de Sint optreedt, is St. Nikolaas en zijn knecht van Jan Schenkman uit 1850.’

quote image

Binnen de Europese beeldcultuur was een zwarte page al langer bekend als statussymbool en Zwarte Piet wordt dat in zekere zin ook voor Sinterklaas.

Paavo Van der Eecken

In de tekst heeft Schenkman het over een knecht die zwart is van kleur en ook de illustraties tonen een man met een zwarte huidskleur. Deze figuur blijft echter voornamelijk op de achtergrond. Pas in latere verhalen krijgt hij de naam Zwarte Piet en verandert zijn rol. ‘Het is daarbij interessant dat die rol mee evolueert met bepaalde maatschappelijke denkbeelden’, aldus Van der Eecken. ‘Zo is hij in vroegere verhalen de boeman die de kinderen straft en in de zak stopt. Later, als maatschappelijke opvattingen over opvoeding veranderen, wordt hij een sympathieke figuur en kindervriend.’

 

‘Maar we bedoelen het goed…’

 

Volgens Van der Eecken dragen die eerste kinderboeken duidelijke sporen van het kolonialisme en de slavernij. ‘Binnen de Europese beeldcultuur was een zwarte page al langer bekend als statussymbool en Zwarte Piet wordt dat in zekere zin ook voor Sinterklaas. In latere edities van Schenkmans boek wordt de knecht bovendien afgebeeld in het typische pagepakje met de fluwelen pofbroek en de muts met veer. Hij heeft ook altijd een dienende rol tegenover zijn baas.

 

Over de precieze afkomst van Zwarte Piet bestaat discussie, maar hij is zeker niet zwart van het roet. ‘De (kleur van de) oorringen, het kroeshaar en de volle lippen waren belangrijke elementen in de stereotypering van zwarte mensen’, vertelt Van der Eecken. ‘Bovendien blijft het pakje van Zwarte Piet altijd proper, wat raar is als hij door de schoorsteen komt.’

Waren de illustratoren en schrijvers van die kinderboeken dan racistisch? Dat is volgens Van der Eecken een gevoelige kwestie. ‘Zwarte Piet is voor velen onder ons pure nostalgie en het kan erg pijnlijk aanvoelen om dit racisme te benoemen. Dat komt omdat wij racisme vaak zien als iets intentioneels, iets wat je met bewuste opzet doet. Maar door structureel racisme internaliseren we een heleboel opvattingen op een onbewust niveau. Op die manier kan racisme verder worden uitgedragen, zonder dat we dat zelf doorhebben. Ik denk dat we daarom niet moeten vragen of historische actoren racistisch waren, maar dat we de focus moeten leggen op de effecten die bepaalde voorstellingen van personages hebben op de denkbeelden in een maatschappij.’ 

 

De onderzoeker legt uit dat je over het algemeen kan stellen dat voor witte kinderen boeken meestal een spiegel zijn. Ze herkennen hun leefwereld zonder zich vragen te moeten stellen. De witheid is ongemarkeerd, een gegeven waar niets aan lijkt te kleven. Het is de norm. Niet-witte kinderen kijken in boeken eerder door een raam. Ze zien wat de ander meemaakt, maar herkennen hun eigen leefwereld niet. ‘Aan niet-witte personages kleven vaak een heleboel duidelijke stereotyperingen. Ze vormen een soort kapstok voor ideeën die witte mensen hebben over mensen met een niet-witte huidskleur. Het valt vaak zelfs niet op, maar net dat verdoken racisme maakt het gevaarlijk.’

 

De volgende stap voor Piet

 

Volgens Van der Eecken is het vooral belangrijk dat we moedig genoeg zijn om toe te geven dat het stereotiepe beeld van Zwarte Piet – maar ook van veel andere niet-witte personages – niet oké is. Leerkrachten en bibliothecarissen moeten zich bewust worden van het racisme dat in bepaalde boeken sluimert. Zo kunnen ze die aspecten samen met kinderen bespreken of hen ook andere werken aanbieden. ‘Daarnaast is het belangrijk dat we verder gaan dan wat oppervlakkige aanpassingen. Regenboogpieten zijn bijvoorbeeld nog altijd niet-witte dienaren van een witte man, zeker wanneer andere stereotype kenmerken zoals het kroeshaar blijven.’

quote image

Levende tradities evolueren altijd mee met de noden van hun tijd.

Paavo Van der Eecken

Het staat vast dat Sinterklaas en Zwarte Piet zullen blijven evolueren. ‘Misschien vinden we over een aantal jaren dat de Pieten een vakbond nodig hebben, wie zal het zeggen’, lacht de onderzoeker. ‘In elk geval is het niet slecht om kritisch naar verhalen te kijken en te beseffen dat levende tradities altijd mee evolueren met de noden van hun tijd. Ik hoop dat mijn onderzoek daaraan kan bijdragen.’

 

*Het onderzoek van Paavo Van der Eecken wordt gefinancierd door het FWO.

Deel dit artikel