Wat zwerfvuil écht doet met onze buurten
Een blikje in de berm, sigarettenpeuken aan een bushalte of fastfoodafval in het park: zwerfvuil lijkt banaal, maar beïnvloedt mogelijks veel meer dan we denken. Met een nieuw citizenscienceproject willen de Universiteit Antwerpen en De Morgen niet alleen zwerfvuil-hotspots in kaart brengen, maar ook onderzoeken wat een vuile straat met ons doet en welke oplossingen er zijn. Burgers zullen via een slimme applicatie zwerfvuil kunnen registreren én mee het AI-model trainen dat de beelden analyseert.
In het kort
- De Universiteit Antwerpen en De Morgen lanceren in 2027 een grootschalig citizenscienceproject rond zwerfvuil.
- Burgers zullen via een applicatie foto’s van zwerfvuil kunnen opladen en tegelijk vragen beantwoorden over hun buurtbeleving en verwachte acties.
- Het interdisciplinaire onderzoek combineert sociale wetenschappen, gezondheidswetenschappen, milieubeleid en artificiële intelligentie.
- De onderzoekers willen niet alleen zwerfvuil meten, maar ook begrijpen wat zwerfvuil doet met welzijn en sociale verbondenheid.
Iedereen heeft een mening over zwerfvuil
“Zwerfvuil is een van de grootste klachten van burgers”, weet Jasna Loos, onderzoeksmanager aan de Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen. “Wanneer je het onderwerp aansnijdt, begint bijna iedereen spontaan een persoonlijk verhaal te vertellen.”
Dat herkent ook Kris Bachus, hoofddocent milieubeleid (Faculteit Sociale Wetenschappen): “Er is veel frustratie rond zwerfvuil in Vlaanderen. Maar tegelijk weten we nog te weinig over wat dat concreet doet met hoe mensen hun omgeving ervaren en wat ze verwachten van beleid.”
Dat vormt de kern van het nieuwe onderzoek van UAntwerpen en De Morgen. “Het project wil niet alleen kijken naar de impact van zwerfvuil op welzijn en gemeenschapsgevoel, maar ook naar de complexe factoren die leiden tot een zwerfvuilproblematiek in bepaalde buurten, en hoe je dat lokaal kan oplossen,” vult Loos aan.
Burgeronderzoek op Nerdland Festival
Het idee ontstond vanuit een vraag van De Morgen aan de universiteit. “De krant wilde samen een citizenscienceproject opzetten”, vertelt Bachus. “Een universiteit heeft methodologische expertise en wetenschappelijke kennis, maar bereikt niet zomaar tienduizenden burgers. Een mediapartner zoals De Morgen kan dat wél. Daardoor zijn we enorm complementair.” Ook Loos ziet daarin een grote meerwaarde: “Citizen science maakt onderzoek maatschappelijk relevanter. Wanneer mensen zelf mee gegevens verzamelen, zullen ze later ook actiever met de resultaten aan de slag gaan.”
“We willen burgers dit keer al vroeger in het proces betrekken dan normaal gebeurt”, zegt Loos. Zelfs al vóór de officiële lancering, tijdens het Nerdland Festival van 22 tot 25 mei, zal het onderzoek een eerste ‘soft launch’ krijgen. De onderzoekers nemen er deel aan een Focus Talk over urban mining, de krant en de universiteit hebben er een stand met info over het project, en bezoekers zullen foto’s van zwerfvuil kunnen opladen en meehelpen om het AI-model te trainen. “Verder gaan we letterlijk vragen: welke vragen mogen we zeker niet vergeten? Wat leeft er in jullie buurt? Zijn onze onderzoeksvragen juist geformuleerd? Die inspraak is enorm belangrijk”, aldus Loos.
AI-model voor peuken, plastic en blikjes
Voor de technologische kant van het project staat Siegfried Mercelis in, docent bij de Faculteit Toegepaste Ingenieurswetenschappen en verbonden aan imec-IDLab: “In eerste instantie verzamelen we vooral foto’s. Daarmee bouwen we een dataset op waarmee we het AI-model kunnen trainen. Het doel is dat de technologie automatisch verschillende soorten zwerfvuil leert herkennen.”
Er is veel frustratie rond zwerfvuil in Vlaanderen. Maar tegelijk weten we nog te weinig over wat dat concreet doet met hoe mensen hun omgeving ervaren en wat ze verwachten van beleid.
Dat klinkt eenvoudiger dan het is. “Een blikje herkennen lukt meestal wel”, zegt Mercelis. “Maar folies of half bedekte verpakkingen zijn veel moeilijker. Een peuk tussen herfstbladeren bijvoorbeeld: het model moet leren dat enkel de peuk relevant is en niet de blaadjes errond.”
Ook lichtinval, regenweer of de hoek van een foto spelen een rol. “Daarom willen we op Nerdland aftoetsen hoe mensen foto’s nemen: van dichtbij of veraf, in welke omstandigheden, onder welke belichting. Dat helpt ons om het systeem robuuster te maken.” De uiteindelijke applicatie moet tegen het voorjaar van 2027 klaar zijn. Gebruikers zullen foto’s kunnen uploaden én labels toevoegen aan het afval dat zichtbaar is. “Eigenlijk bouwen we een soort ObsIdentify voor zwerfvuil”, lacht Mercelis.
Meer dan een netheidsprobleem
Voor de onderzoekers gaat het project over veel meer dan schone straten alleen. “Zwerfvuil raakt aan rechten en plichten”, meent Bachus. “Mensen voelen frustratie omdat ze het gevoel hebben dat anderen hun verantwoordelijkheid niet nemen. Vaak gaat die ergernis minder over milieu en meer over leefbaarheid: mensen willen dat hun omgeving aangenaam en mooi blijft.” Loos benadrukt daarnaast de sociale impact: “De publieke ruimte beïnvloedt ons mentale welzijn. Als een omgeving vuil of verwaarloosd aanvoelt, tast dat ook de sociale verbondenheid en bij uitbreiding onze algemene gezondheid aan.”
De onderzoekers willen ook nagaan of bepaalde groepen gevoeliger zijn voor die impact dan andere. “We willen die complexiteit begrijpen”, zegt Loos. “Wie woont er in een wijk? Voelen mensen zich mee verantwoordelijk voor netheid, of vinden ze dat een taak van de overheid? Dat kan cultureel en sociaal verschillen.” Daarom zullen ook onderzoekers van het kenniscentrum Stadskracht van de AP Hogeschool een ‘dieptecasusstudie’ opzetten met onder meer diepte-interviews in verschillende buurten.
Van peuken tot circulaire economie
Het onderzoek wil bovendien breder kijken dan enkel opruimen. “We willen het debat opentrekken naar circulaire economie en hergebruik”, zegt Bachus. “Als je erin slaagt om minder wegwerpverpakkingen te gebruiken, verklein je automatisch ook de kans op zwerfvuil.”
De meest voorkomende vormen van zwerfvuil kennen de onderzoekers nu al. “Sigarettenpeuken staan met stip op één”, zegt Loos. “Gevolgd door drankblikjes en single use plastics, zoals een plastic flesje of rietje. Peuken bevatten duizenden giftige stoffen en het meeste zwerfafval wordt afgebroken in microplastics die allemaal in onze bodem, in het water en in dieren terechtkomen. Via onze voedselketen komen ze zelfs in het menselijke lichaam terecht. Het One Health-perspectief – het idee dat de gezondheid van mensen, dieren, en ons bredere ecosysteem met elkaar verbonden is – is hier ook van toepassing.”
Kan dit gedrag veranderen?
De onderzoekers hopen dat het project niet alleen data oplevert, maar ook bewustzijn creëert. “Ik hoop dat mensen beter begrijpen wat de bredere effecten van zwerfvuil zijn”, zegt Loos. “En dat ze daardoor misschien ook sneller zelf actie ondernemen en hun buurt mee helpen schoon houden.”
Volgens Bachus schuilt daarin net de kracht van citizen science: “De mensen produceren hier zelf de data. Dat maakt het project tegelijk uniek én kwetsbaar. Maar ervaring leert dat deelnemers enorm gemotiveerd zijn. Ze willen weten wat er in hun buurt gebeurt en voelen zich betrokken. Het draait uiteindelijk allemaal om de grotere vraag: hoe willen we samenleven in onze publieke ruimte?”
Op de hoogte blijven van dit en ander onderzoek?
Schrijf je in voor de mailing van de Universiteit Antwerpen, boordevol wetenschapsnieuws, lezingen en events.